Kants plichtethiek

Samenvatting

Aan de hand van een casus met Amerikaanse commando’s wordt het verschil tussen gevolgenethiek en plichtethiek behandeld. Kants categorische imperatief wordt uitgelegd en toegepast op enkele voorbeelden en leerlingen analyseren een tekstfragment van Kant met voorbeelden van de categorische imperatief

Domein

Ethiek

Kernbegrippen

Kant, plichtethiek

Benodigde tijd

3 lessen

Vereiste voorkennis van leerlingen

  • utilisme
  • waarden

Lesniveau

Havo 4, Havo 5, Vwo 4, Vwo 5

Lesplan

LES 1:

Klassikaal: vertellen van het verhaal van Marcus Luttrell: The Lone Survivor. Vier Amerikaanse commando’s zijn op een geheime missie in Afghanistan in vijandelijk gebied. Vlak bij hun doelwit stuitten ze op een kudde geiten en twee herders. Ze staan voor het dilemma: de herders laten lopen met een grote kans dat ze vervolgens ontdekt worden en de missie moeten afblazen, of de herders ter plekke executeren en daarmee een oorlogsmisdrijf begaan. De commando’s besluiten ter plekke te stemmen over wat ze moeten doen.

Vragen aan de klas:

  1. wat is de beste keuze voor de soldaten?
  2. is dat ook de moreel juiste keuze?
  3. wat zou je op basis van het utilisme (hedonistische calculus) kiezen?

Vervolgens bekijken van het interview met Marcus Luttrell. Hij legt uit wat zij besloten hebben en hoe dit afgelopen is.

Na het fragment eerst met de klas de feiten op een rij zetten. Vervolgens kunnen de volgende vragen besproken worden:

  1. gezien de gevolgen, heeft Marcus Luttrell de verkeerde keuze gemaakt?
  2. als je vanuit het principe had gekozen om geen onschuldige burgers te doden, heb je dan achteraf gezien de verkeerde keuze gemaakt?
  3. als je uitgaat van het principe dat je geen onschuldige burgers doodt, zijn er dan situaties denkbaar waarop je daar een uitzondering mag maken?

Luttrell geeft in het interview aan dat hij vanuit zijn hart koos en niet met zijn verstand.

  1. wat is dat, kiezen met je hart?
  2. is met je verstand kiezen hetzelfde als uitgaan van de gevolgen?

 

LES 2:

Deel 1: Introductie Kant (maximaal 20 minuten)

Korte uitleg over het leven van Kant. Suggestie: video Durf te denken over Kant.

Vervolgens de vooronderstellingen bij Kant uitleggen.

  • Autonomie
  • Intentie versus consequentie
  • Rede en universaliteit

Hierna kunnen de twee varianten van de categorische imperatief worden uitgelegd, namelijk:

–Handel slechts volgens maximes waarvan je tegelijkertijd kunt willen dat ze een algemene wet worden.

–Handel zo dat je de mensheid altijd tegelijk als doel en nooit alleen als middel gebruikt.

 

Deel 2: Toepassing van de eerste categorische imperatief (10 minuten).

Bespreek samen met de klas de volgende drie casussen: de casus van moord, de casus van slavernij en de casus van doping (zie powerpoint). Hierbij laat je de leerlingen per casus aangeven

  1. Wat is de maxime of intentie?
  2. Wat is de universele wet?
  3. Waarom ontstaat er een contradictie c.q. waarom zou je deze universele wet niet kunnen willen?

 

Deel 3: Toepassing van de tweede categorische imperatief (20 minuten)

Terugkoppeling naar de casus The Lone Survivor. Vraag:

  1. Bepaal aan de hand van de tweede vorm van de categorische imperatief wat Kant zou doen als hij Marcus Luttrell zou zijn.
  2. Wie van de leerlingen is van gedachte veranderd over wat de juiste beslissing is in deze casus? (veel leerlingen kiezen namelijk in eerste instantie vaak voor executeren)

 

LES 3:

Je herhaalt kort de categorische imperatief.

Lees de primaire tekst met behulp van de expertmethode.

Je nummert de leerlingen, waarbij elke leerling het nummer 1, 2, 3 of 4 krijgt.

De leerlingen gaan in groepjes zitten met hetzelfde nummer (dus alle leerlingen met nummer 1 gaan bij elkaar zitten).

Vervolgens geef je de leerlingen de primaire tekst uit Fundering voor de Metafysica van de Zeden, 421 t/m 424. In deze tekst staan vier genummerde casussen van Kant. De leerlingen lezen de casus met hetzelfde nummer als het nummer van hun groepje. Ze krijgen hier 20 minuten voor en moeten in deze tijd, naast de tekst lezen, ook de volgende drie vragen beantwoorden:

  1. Wat is de maxime of intentie?
  2. Wat is de algemene of universele wet?
  3. Waarom ontstaat er een contradictie of waarom zou je deze wet niet kunnen willen?

Let op: de leerlingen vinden het vaak moeilijk om achter de echte betekenis van de stukjes te komen. Zorg ervoor dat je als docent elk groepje helpt en zeker weet dat ze de vragen uiteindelijk goed hebben beantwoord.

Zeg tegen de leerlingen dat ze nieuwe groepjes moeten maken. Dit keer moeten ze in groepjes gaan zitten waarbij er in elk groepje een nummer 1, een nummer 2, een nummer 3 en een nummer 4 zit. In elk groepje zit dus een leerling die iets weet over een andere casus. Vervolgens leggen de leerlingen elkaar de casus uit. Na 20 minuten zouden de leerlingen bij alle vier de casussen dus de vragen moeten hebben beantwoord.

Aan het einde van de les zou je nog enkele leerlingen kunnen vragen om hun antwoord klassikaal uit te leggen / te verhelderen.

Leerdoelen

De leerling kan:

  • Kants plichtethiek uitleggen (begrijpen)
  • de categorische imperatief toepassen op een concreet voorbeeld en daarbij de maxime, universele wet en eventuele tegenstrijdigheid benoemen (analyseren)
  • een beargumenteerde keuze maken tussen een gevolgenethische en een plichtethische benadering van een morele casus
  • een primaire tekst lezen

Benodigd materiaal

Auteur

Jaron Schoone, Stijn Ockeloen

Bijlagen


Schrijf een bericht