Lessenserie Media en Cultuur voor het VMBO

Samenvatting

Deze lessenserie sluit aan bij hoofdstuk 2 ‘media’ en hoofdstuk 3 ‘cultuur’ uit het lesboek ‘Thema’s maatschappijleer’. De lessenserie biedt filosofische verdieping en verbreding bij deze hoofdstukken. Onder het kopje ‘benodigdheden’ vind je een link naar de benodige bestanden.

Domein

Antropologie, Ethiek, Sociale filosofie

Kernbegrippen

cultuur, het goede leven, maatschappij, Media, VMBO

Benodigde tijd

9 lessen, 50 minuten per les

Vereiste voorkennis van leerlingen

De lessenserie biedt filosofische verdieping en verbreding bij deze hoofdstukken. Er wordt in de lessen verwacht dat de leerlingen kennis van de begrippen van de desbetreffende paragraaf hebben uit hoofdstuk 2 ‘media’ en hoofdstuk 3 ‘cultuur’ uit het lesboek ‘Thema’s maatschappijleer.’

Lesniveau

basis-kader, bovenbouw, VMBO

Lesplan

Zie startdocument voor benodigdheden en lesdoelen per les

Les 1: word je gelukkiger van een smartphone? (Hst 2, pf 1)
In deze eerste les worden eerst de basisvoorwaarden opgezet, zoals de regels omtrent het gebruik van de praatbal. Daarnaast leren de leerlingen wat filosofie is en wat een filosofische vraag is. Vervolgens gaan ze filosoferen over de vraag of je daadwerkelijk gelukkiger wordt van het hebben van een telefoon. Het is niet de bedoeling dat leerlingen meteen hun mening geven, maar dat ze eerst een afweging maken door voor- en tegenargumenten te verzamelen. Dit gebeurt in meerdere werkvormen. De focus ligt in deze les op het geven van argumenten en het luisteren naar anderen.

Les 2: mag je op social media alles zeggen wat je vindt? (Hst 2, pf 2)
De opzet van deze les is dat leerlingen grenzen gaan formuleren aan de vrijheid van meningsuiting op social media. Dit doen ze aan de hand van een aantal casussen, en de theorie van Butler. Het is mogelijk dat leerlingen vinden dat er geen grenzen zitten aan vrijheid van meningsuiting. Zorg er in dat geval voor dat leerlingen zich zo veel mogelijk proberen in te leven in de positie van de ander, zodat leerlingen een weloverwogen keuze maken. Aan het einde van de les wordt ook duidelijk gemaakt wat de grenzen van de wet zijn, en waar iedereen zich dus aan dient te houden.

Les 3: hoe weet je of nieuws betrouwbaar is? (Hst 2, pf 3)
Les 3 en 4 vormen samen een tweeluik waarin leerlingen aan de hand van een moordmysterie leren hoe journalisten tot goede informatie komen voor hun nieuws. In les 3 ligt de focus met name op het bepalen van objectieve en subjectieve informatie, evenals het controleren van bronnen. Belangrijk is dat leerlingen begrijpen dat dit nog steeds niet zekere kennis is, maar wel betrouwbare kennis. Aan het eind van de les is er dus een verdachte (en daarmee ‘betrouwbaar’ nieuws).

Les 4: hoe weet je of nieuws waar is? (Hst 2, pf 4)
Nu leerlingen van de vorige les weten dat er een verschil zit tussen betrouwbaarheid en waarheid wordt in deze les meer ingezoomd op waarheid, en hoe je overtuigingen beïnvloed kan worden door bijvoorbeeld framing of selectieve waarneming. Leerlingen leren zo wat sceptische argumenten zijn. Ook al weet je misschien niet zeker of iets klopt, kan goed onderzoek wel betrouwbaarheid vergroten. Aan het eind van de les gaan leerlingen daarom manieren verzinnen waarop eerder genoemde problemen voorkomen kunnen worden.

Les 5: wat is moreel voor een influencer? (Hst 3, pf 1)
In de laatste les van deze lessenserie voeren de leerlingen in kleinere groepen filosofische discussies over ethische dilemma’s rondom influencer. Het idee is dat leerlingen aan de ene kant ervaren hoe het is om aan deze discussies deel te nemen, en aan de andere kant ook kunnen observeren hoe een gespreksleider luistert en doorvraagt in zo’n gesprek. Ook is het de bedoeling dat leerlingen in de discussies vakjargon gebruiken.

Les 6: moet iedereen dezelfde dingen moreel en immoreel vinden? (Hst 3, pf 2)
Deze les gaat er vanuit dat leerlingen bekend zijn met de termen ‘moreel’ en ‘immoreel’. In deze les zullen ze leren wat het verschil is tussen cultuurrelativisme en universalisme. Door eerst na te denken over algemene verschillen tussen culturen wordt de stap gezet om na te denken over morele verschillen tussen culturen. Is het erg dat deze verschillen bestaan? Uiteindelijk bekijken leerlingen een video over het kindhuwelijk om na te denken over de vraag of we moeten zorgen voor de rechten van mensen in andere culturen, of dat we deze culturen zelf hun keuzes over tradities moeten laten maken.

Les 7: wat is een goede manier van sociale controle? (Hst 3, pf 3)
Aan de hand van uitvragen van persoonlijke voorbeelden van sociale controle worden leerlingen gevraagd om na te denken over disciplinering (Foucault). Eerst bekijken leerlingen het puntensysteem in China, waar op nationale schaal aan sociale controle wordt gedaan. Aan het eind van de les houden leerlingen een lijndiscussie over verschillende stellingen rondom sociale controle.

Les 8: blijf je steeds dezelfde persoon? (Hst 3, pf 4)
Voor deze les gaan leerlingen aan de slag met het thema ‘identiteit’. Aan de hand van de paradox van het Schip van Theseus onderzoeken ze of er iets is dat gedurende het leven van een persoon gelijk blijft, waar ‘identiteit’ aan gekoppeld kan worden. Er wordt met name ingezoomd op ‘karakter’. De les begint klassikaal, maar uiteindelijk voeren leerlingen zelf in tweetallen een filosofisch gesprek aan de hand van gesprekskaartjes en het luisterstappenplan. Let in deze les met name op het doorvragen; leerlingen vinden deze stap het moeilijkste.

Les 9: aangeboren of aangeleerd?
In de laatste les van deze lessenserie zijn leerlingen bezig met het nature-nurture debat. De les draait rondom stereotypen en gendernormen, waar vervolgens wordt gekeken of deze zijn aangeboren of aangeleerd. Hier wordt vervolgens de theorie van Simone de Beauvoir aan gekoppeld. De les eindigt met een doorgeefdiscussie, waarbij leerlingen hun eigen mening op papier zetten en schriftelijk reageren op het argument van de discussie. Dit spoort aan om het denken te vertragen en zorgvuldig te formuleren.

Leerdoelen

Overkoepelende leerdoelen:

1. Leerlingen kunnen naar elkaar luisteren met behulp van een stappenplan
2. Leerlingen kunnen een beargumenteerde positie innemen in een vraagstuk
3. Leerlingen kunnen redeneren en argumenteren vanuit een andere positie (perspectivistische lenigheid)

Benodigd materiaal

  • Praatbal
    Whiteboard, stift
    Rood/groene kaartjes
    Post-its
    Lege blaadjes
    Luisterposter

Bestanden (hier te downloaden):

  • Powerpoints
  • Handouts
  • Startdocument

Auteur

Eva-Anne Le Coultre en Bente Oost


Schrijf een bericht